KENNISTEST

Welk woord ontbreekt in het spreekwoord. (II)

Selecteer bij elk spreekwoord het ontbrekende woord.

1.Je kunt haar geen knollen voor ..... verkopen.
A.niets
B.duur
C.citroenen
D.appelen
2.Hij schreeuwde moord en .....
A.brand
B.hel
C.ongeluk
D.pijn
3.Ik waag me niet graag op ..... ijs
A.koud
B.droog
C.nat
D.glad
4.Hij had geen ..... voor de schoonheid om hem heen.
A.inzicht
B.gevoel
C.oog
D.oor
5.Ledigheid is des duivels .....
A.oogappel
B.oorkussen
C.spinnegaren
D.dans
6.We gingen gisteren vroeg onder .....
A.de wolken
B.de sterren
C.zeil
D.schot
7.Haastige ..... is zelden goed.
A.spoed
B.klus
C.pech
D.job
8.Gedane zaken nemen geen .....
A.zijde
B.keer
C.geld
D.verlies
9.Wij zaten met de ..... in het haar.
A.blaren
B.luizen
C.kammen
D.handen
10.Toen ik thuis kwam vond ik de ..... in de pot.
A.spaan
B.lepel
C.kat
D.hond
11.Je moet niet altijd spijkers op laag ..... zoeken.
A.water
B.onweer
C.eten
D.werk
12.Hij is niet op zijn ..... gevallen.
A.aangezicht
B.stuitje
C.achterhoofd
D.voorhoofd
Copyright © 2018 www.spreekwoord.nl