KENNISTEST

Hoe luidt het gehele spreekwoord.

Maak de spreekwoorden af en selecteer de bijbehorende antwoorden.

1.Zoals het klokje thuis tikt, .....
A.tikt het overal.
B.tikt het nooit.
C.tikt het altijd.
D.tikt het nergens.
2.Vele handen maken .....
A.dingen kapot.
B.licht werk.
C.mooie zaken.
D.de koning rijk.
3.Eén zwaluw maakt .....
A.nog geen nest.
B.nog geen geluid.
C.nog geen winter.
D.nog geen zomer.
4.Holle vaten .....
A.rollen het langst.
B.lessen geen dorst.
C.klinken het hardst.
D.vullen geen glazen.
5.Waar het hart vol van is .....
A.loopt de mond van over.
B.vliegt de vlinder vrolijk.
C.zijn geen woorden voor.
D.blijft altijd een raadsel.
6.Nieuwe bezems .....
A.kosten weinig.
B.vegen schoon.
C.blijven lang.
D.doen stof opwaaien.
7.Beter een half ei .....
A.dan een lege dop.
B.dan een lege wei.
C.dan lief gevlei.
D.dan een paasei
8.Uit het oog, uit .....
A.het zicht.
B.het geloof.
C.het hart.
D.de mond.
9.Wie eens steelt .....
A.is altijd een dief.
B.werkt nooit.
C.is snel rijk.
D.steelt in de nacht.
10.Met honing vangt men meer vliegen .....
A.dan met water.
B.dan met gif.
C.dan met wijn.
D.dan met azijn.
11.De beste stuurlui .....
A.keren de wal.
B.staan aan de wal.
C.kennen geen angst.
D.gaan voor de wind.
12.Een vos verliest zijn haren .....
A.in het nauw.
B.in de nacht.
C.maar niet zijn welpen.
D.maar niet zijn streken.
Copyright © 2018 www.spreekwoord.nl